Het jaar van Vivaldi

In november 2015 verschijnt:

Der-Herbst - Copy

Het jaar van Vivaldi

Hemel en aarde in onze seizoenen

In de zomer van 1990 schreef ik Gedachten over gedenken. Het boek ging over de Joodse wortels van de christelijke kalender. In een compleet herziene versie komt nu ook de natuurkalender aan bod. In Het jaar van Vivaldi krijgen de seizoenen de plaats die ze verdienen.

Dit boek is geschreven met een oor naar De Vier Jaargetijden van Antonio Vivaldi. Liever gezegd, tijdens het schrijven luisterde ik met beide oren naar de muziek. Vivaldi was priester en componist. Hij componeerde zowel De Vier Jaargetijden als het Gloria. De spanning tussen de kalender van de seizoenen en die van de kerk vormt de grondtoon van dit boek. Om deze spanning te verhogen ging ik op zoek naar een Vijfde Seizoen.

Zondag is geen bijbelse rustdag

 Dat een 24-uurseconomie in de Bijbel geen fundament vindt, zullen christenen zonder veel tegenspraak noteren. Maar wat moeten ze in vredesnaam met de zondag? Ruim de helft van de ondervraagden vindt de koopzondag in strijd met het sabbatsgebod. Maar is de zondag volgens de Schriften nu eigenlijk wel rustdag? ‘Nee’, zegt theoloog dr. Henk Vreekamp, ‘dat kun je op grond van de Bijbel onmogelijk verdedigen.’

De verwarring onder christenen als het gaat om de aard en de betekenis van de zondag, is Vreekamp niet vreemd, zegt hij. Als predikant bij de Raad voor de verhouding van Kerk en Israël balanceerde hij jarenlang op de richel tussen sabbat en zondag. Die richel is zo grillig dat christenen tot aan vandaag toe de zondag als vervanging van de joodse sabbat claimen en een rabbijn in Nederland het opneemt voor de zondagsrust.

“Het is een ingewikkeld verhaal”, waarschuwt de theoloog. “En hard ook. Ook voor mijzelf. Maar het is goed om kennis te hebben van het ontstaan van de zondag, en hoe die dag zich verhoudt tot de joodse rustdag.”

Het is genoeg

Daarom: een kleine inleiding. Het begint allemaal – hoe kan het anders – bij het scheppingsverhaal. “God staakt na zes dagen creëren zijn werk. Hij zegt: het is genoeg. God komt op adem, als een kunstenaar die na zes dagen een hele dag rust neemt om te genieten van zijn werk.”

Israël krijgt van de Schepper op een gegeven ogenblik het gebod die sabbat met Hem te delen. “Om van de schepping af te blijven, even één dag niet creatief te zijn, géén nieuwe dingen te maken.”

“De zondag is geen bijbelse rustdag, maar die is toegevoegd aan de sabbat, om de opstanding van Christus te vieren”

Zo gaat dat eeuwen voort. Ook de eerste volgelingen van Jezus houden trouw de zevende dag als rustdag. Conform de vier evangeliën vieren ze daarbij “op de dag na de sabbat”, de opstanding van Christus. “De uniforme formulering die alle vier de evangelisten kiezen, is belangrijk”, benadrukt Vreekamp. “De eerste dag van de week, of de achtste dag, zoals hij ook wel wordt genoemd, het octaaf, de verhoogde toon, was voor hen nauw verbonden met de sabbat, die nog steeds als rustdag gold.”

De eerste christenen kwamen op de eerste dag ’s morgens vroeg samen om de opstanding van hun Heer te vieren. “Daarna gingen ze naar hun werk, om ’s avonds opnieuw bij elkaar te komen.”

Geen vrije dag

Een vrije dag was die eerste dag van de week toen dus nog niet. Die werd in het jaar 321 pas ingevoerd, door keizer Constantijn de Grote. “Hij liet een decreet uitschrijven dat iedereen in het Romeinse rijk vanaf toen de zondag als rustdag in acht moest nemen. Het woord zondag komt overigens in de hele Bijbel niet voor. De zondag is een verre herinnering aan de verering van de zon, wat natuurlijk ook op geen enkele manier spoort met bijbelse gegevens. Hemellichamen werden pas op de vierde dag geschapen.”

De dupe van de regeling van Constantijn waren de joden. Hun sabbat sneuvelde. Gaandeweg raakte de zondag bij christenen ondertussen ingeburgerd als de nieuwe rustdag, in plaats van de sabbat. Tot op de dag van vandaag. “De vervangingstheologie, die de kerk ziet als het nieuwe Israël, de doop als de nieuwe besnijdenis en de zondag als de nieuwe sabbat, is niet onschuldig. Niet onschuldig, omdat het Joodse volk, dat theologisch voor de kerk plaats moest maken, in de ogen van de kerk ook fysiek zijn plaats heeft verloren. Niet onschuldig, omdat de kerk in heidense hoogmoed een plaats verovert die niet de vreze Gods als basis heeft (Romeinen 11:20). Nog steeds is er in kerken theologie aanwezig die in deze trant redeneert. Dat vind ik kwalijk. Eerst de Jood, en ook de Griek, schrijft Paulus. Nergens vinden we in de Bijbel iets terug als ‘De Griek in plaats van de Jood’. Toch hebben talloze christenen Gods woord door die bril leren lezen. Dat zoiets uiteindelijk verschrikkelijke gevolgen kan hebben, leert de geschiedenis ons.”

De zondag als rustdag overboord gooien, is wat Vreekamp betreft niet zonder meer een goed idee. “Treffend vind ik het argument dat rabbijn Lody van de Kamp gebruikte bij zijn verdediging van de zondagsrust in Nederland. Hij zei: Laten we het laatste beetje van de rust die we in onze samenleving kennen, niet óók inleveren. Essentie is dat de hele samenleving, mensen en dieren, een dag op adem komt. Met hem zou ik me willen inzetten om met betrekking tot de koopzondag te redden wat er te redden valt.”

Bezinning oppakken

Tegelijk zou de kerk de bezinning op zondag en sabbat moeten oppakken of voortzetten, vindt de theoloog. “De Protestantse Kerk heeft officieel afscheid genomen van de vervangingstheologie. Daaruit zou moeten volgen dat we ons er op z’n minst van bewust worden dat de zondagsrust sabbatsrust moet worden. Dat we ons realiseren dat de zondag geen bijbelse rustdag is, maar een dag die is toegevoegd aan de sabbat, om de opstanding van Christus te vieren.”

Moet die bezinning de kerk uiteindelijk weer terugbrengen bij het onderhouden van de sabbat als rustdag, in plaats van de zondag? “Israël is geroepen de sabbat te houden, voor christenen geldt die instelling niet. Maar we kunnen wel participeren, erin meedoen. Zelf kijk ik geregeld vrijdagsavonds even naar de sterren, en dan bedenk ik: nu valt de sabbat in. Als ik op zondag ergens voorga, lees ik tijdens de eredienst vaak mee met de lezing in de synagoge uit de vijf boeken van Mozes de dag ervoor. Om niet te vergeten dat de kerk deelt in de aan Israël geschonken verwachting, zoals de kerkorde van de Protestantse Kerk dat verwoordt.”

(Dit interview van Jasper van den Bovenkamp werd gepubliceerd in ‘De nieuwe koers’, november 2015, No 9, p. 28-29)